Maastrichtse nieuwbouw behoudt eigen sfeer

11 februari 2020 11:05

Trichterveld is een dromerig tuindorp in Maastricht met ruisende bomen, gelegen op de drempel van het groen golvende Limburgse heuvellandschap. Witgeschilderde huurhuisjes, 216 stuks, gebouwd vlak na de oorlog voor de eerste opvang van terugkerende Indiëgangers. Zij zijn al lang weer verdwenen uit de wijk, maar straatnamen als het Bataviaplantsoen, Javastraat of Molukkenstraat herinneren nog aan ‘Indië’. Meer dan een jaar of twintig hoefden de woningen niet te blijven staan, dacht men toen. Want uiteindelijk zijn ze tot 2014 in gebruik gebleven. Begin 2006 is gestart met de eerste volledige vervanging van de huizen, met respect voor de sfeer van de buurt.

“In dertien fases zijn we alle woningen aan het vervangen door nieuwbouw, die meer in de moderne tijd past. Ruimer, meer comfort en duurzamer. De laatste fase is in november in de verkoop gegaan. De sloop van de laatste oude huizen is deze weken in volle gang en we verwachten begin 2020 met de bouw van de nieuwe huizen te kunnen starten”, vertelt Uitvoerder Jan Gerards.

Mergel
Aan de laatste, al half gesloopte, huisjes valt nog af te lezen dat ze met blokken van lokale mergel waren gebouwd. Dakspanten waren van rondhouten balken, ofwel boomstammetjes. In een van de huizen zie je dat de dakbalk zelfs iets te kort was en er een korte balk tussen geflanst is om het gat te overbruggen. “Van buiten zagen de huisjes er nog wel leuk uit, maar ze waren toch wel klein, er zat asbest in, isolatie was er nauwelijks, mensen stookten nog op gaskachels en de meeste huizen hadden een soort zolderberging waar je alleen van buitenaf bij kon. Centrale verwarming was er niet. Uit alles bleek dat Trichterveld noodbouw was en dringend toe aan een verfrissende opknapbeurt,” vertelt Jan.

Verouderd
De oude woningen van woningcorporatie en opdrachtgever Maasvallei waren allemaal huur. De meeste bewoners waren al wat ouder en hadden hun hele leven al in de wijk gewoond. Jeugd of jonge gezinnen zaten er nauwelijks. Verder zat er nog wat anti-kraakbewoning voor de huizen die al leeg waren gekomen. Maasvallei heeft een deel van de bewoners van de bestaande huurwoningen in de wijk kunnen herhuisvesten. Een enkeling is in het appartementencomplex teruggekeerd. De bewoners van de nieuwe koopwoningen komen uit andere delen van de stad en streek en voelen zich al echt thuis. Ook omdat het wegenpatroon onveranderd is en er geen donkere hoekjes of steegjes meer zijn die een onveilig gevoel zouden kunnen oproepen. Het uiteindelijk doel is het om het totale woningbestand te verdelen in 50 procent huur en 50 procent koopwoningen.

Wennen
Maasvallei heeft de bewoners veel tijd gegeven om te wennen aan het idee van een verhuizing. Zeker in het begin waren de mensen huiverig voor de verandering. Ze waren al zo lang gewend aan een raam dat moeilijk open ging of tocht als de wind verkeerd stond. Het was hun huis waar ze al zo lang woonden. Maar in goed overleg ging iedereen toch mee in de plannen. Dat betekende wel dat de huizen die vrij kwamen kriskras door de wijk stonden. “Er is dus niks in serie gebouwd. We hebben het in blokken van 20 a 25 woningen per negen maanden aangepakt. We sprongen echt door de wijk”, vertelt Jan. Hij werkt er nu al een jaar of vijf en hij heeft in die tijd veel buurtbewoners leren kennen.

Contact houden
Bij de wandeling door de wijk na het interview spreekt een bewoonster hem aan over een boom die voor haar huis stond. Die moest weg omdat hij teveel licht wegnam. Dat is naar tevredenheid afgehandeld. Ze herkent hem en vertelt dat ze er over denkt om een nieuwe boom neer te zetten in haar tuin. “Maar dan wel iets kleiner”, zegt ze lachend, terwijl ze haar groene kliko weer meeneemt naar de achtertuin. “Ik ben graag aanspreekbaar voor de bewoners, want dan weet ik wat er speelt. Ik kan eens wat uitleggen of een vraag aanhoren. We hebben met die mevrouw ook goed overleg gehad over die boom. Goed contact met de bewoners is niet alleen belangrijk, maar ook gewoon plezierig”, vertelt Jan.

Buurtbewoner
Lang heeft hij zijn werkplek in een van de leeggekomen huizen gehad. Jan werd in de loop der jaren dus bijna zelf een buurtbewoner. Hij is recent ‘gepromoveerd’ naar een BAM Bouwkeet. Als werkruimte was het nog wel te doen, maar voor volledige bewoning waren de huisjes echt verouderd. Jan werkt graag met vaste teams van timmerlui, metselaars, dakdekkers en loodgieters. “Je kent elkaar, iedereen weet van de hoed en de rand, je bent minder tijd bezig met afstemmen en je hebt het gevoel dat je het echt samen doet. Dat werkt gewoon het beste.”

Sfeer vasthouden
De uitdaging van het project was om de sfeer van de wijk te behouden. Daarom lijken de nieuwe huizen veel op de huizen van vroeger. Ze zijn ook weer witgeschilderd en hebben weer oranjerode dakpannen. Jan wijst op een aantal ornamenten die in de nieuwbouw teruggekeerd zijn. Maar het comfort is eigentijds. De huizen zijn ruimer, beter geïsoleerd en hebben met de warmtepomp een duurzame energievoorziening. Maasvallei heeft een ecoloog ingeschakeld om het broed- en leefgebied van de huismus, gierzwaluw en vleermuis in de wijk te behouden door vogelvides en inbouwkasten aan te brengen. Bijzonder is verder dat de bouw plaatsvindt in een bestaande wijk. Dat geeft nog wel eens wat overlast van bouwverkeer en van verhuiswagens voor de nieuwe bewoners. Staat er een kraan of cementwagen in de straat, dan heeft Jan geleerd dat alleen een lint dwars over de weg spannen de fietsers ervan weerhoudt om domweg door te rijden. “Een bord neerzetten werkt niet. Mensen fietsen daar gewoon omheen en realiseren zich niet dat die afzetting er voor hun eigen veiligheid staat” verzucht hij. Ook met de vuilniswagen en de bus houdt Jan’s bouwteam rekening. Die moeten er ook goed langs kunnen. In praktijk lukt het allemaal wel, omdat iedereen rekening met elkaar houdt en er waar nodig vaak een omleiding gevonden kon worden.

Eigentijds
Nu de laatste fase aangebroken is, valt op dat de herstructurering van Trichterveld er fraai uitziet. Het is een rustige en ruim opgezette wijk gebleven, maar nu met mooie en eigentijdse huizen. Een vriendelijk najaarszonnetje bevestigt dat. “Dan had je gister moeten komen. Toen moesten we dakdelen plaatsen in de stromende regen. Je had geen droge draad meer aan je lijf,” grijnst John, collega van Jan